Was dit nuttig?
juist
bijvoeglijk naamwoord | Taalniveau: A1
correct en in overeenstemming met de feiten of regels; ook: precies op het goede moment
Voorbeeldzinnen met het woord juist
- "Zijn antwoord was juist en hij kreeg het volle punt."
- "Ze belde hem juist op het moment dat hij haar wilde bellen."
Idiomen
- • iets juist aanpakken
- • op het juiste moment
Veelgestelde vragen over juist
- Wat betekent juist?
- correct en in overeenstemming met de feiten of regels; ook: precies op het goede moment
- Op welk taalniveau hoort juist?
- Het woord juist hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van juist?
- Synoniemen van juist zijn: correct, precies.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij juist
eigen
bijvoeglijk naamwoord
toebehorend aan zichzelf; wat van jezelf is of bij jezelf ho…
deels
bijwoord
voor een gedeelte; niet volledig maar ook niet geheel afwezi…
deklomp
zelfstandig naamwoord
een schoen gemaakt van hout, traditioneel in Nederland
hetteken
zelfstandig naamwoord
iets wat wijst op of verwijst naar iets anders
deduidelijkheid
zelfstandig naamwoord
de eigenschap van iets wat helder en begrijpelijk is
lopen
werkwoord
Je voeten gebruiken om je voort te bewegen