Was dit nuttig?
inspecteren
werkwoord | Taalniveau: B1
een woning nauwkeurig bekijken op gebreken
Voorbeeldzinnen met het woord inspecteren
- "De makelaar inspecteert het huis."
- "Ze inspecteerden elk vertrek grondig."
Idiomen
- • een oogje in het zeil houden
Vervoeging van inspecteren
| Ik (nu) | inspecteer |
| Hij/zij (nu) | inspecteert |
| Wij (nu) | inspecteren |
| Verleden tijd | inspecteerde |
| Voltooid deelw. | geïnspecteerd |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over inspecteren
- Wat betekent inspecteren?
- een woning nauwkeurig bekijken op gebreken
- Op welk taalniveau hoort inspecteren?
- Het woord inspecteren hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Hoe vervoeg je inspecteren in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je inspecteren als volgt: ik inspecteer, hij/zij inspecteert, wij inspecteren.
- Wat is de verleden tijd van inspecteren?
- De verleden tijd (enkelvoud) van inspecteren is: inspecteerde.
- Wat is het voltooid deelwoord van inspecteren?
- Het voltooid deelwoord van inspecteren is: geïnspecteerd.
- Gebruik je hebben of zijn bij inspecteren?
- Bij inspecteren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij inspecteren
detafel
zelfstandig naamwoord
Meubel met een plat blad waaraan je kunt zitten en eten
hetvenster
zelfstandig naamwoord
Raam (formeel).
dekamer
zelfstandig naamwoord
Afgebakende ruimte in een huis of gebouw
delift
zelfstandig naamwoord
apparaat om mensen van verdieping te wisselen
dehuur
zelfstandig naamwoord
geldbedrag dat je betaalt om ergens te wonen
dehypotheek
zelfstandig naamwoord
lening om een huis te kopen
Gerelateerde taaltips
Yankee: een Nederlands woord dat de wereld veroverde
Hoe Jan en Kees de naam gaven aan een heel volk
Kennen of weten: wat is het verschil?
Twee werkwoorden, één vertaling — leer wanneer je welk gebruikt
Voorkomen of verkomen? Zo gebruik je het goed
Leer de 3 betekenissen van voorkomen + een handig ezelsbruggetje