Was dit nuttig?
horen
werkwoord | Taalniveau: A1
geluid waarnemen met het oor; ook: ergens bij behoren of iets te weten komen
Voorbeeldzinnen met het woord horen
- "Ik hoor buiten de buren praten."
- "Hij hoort al weken niets van zijn oude vriend."
Synoniemen van horen
Idiomen
- • van horen zeggen
- • dat hoor ik graag
Vervoeging van horen
| Ik (nu) | ik hoor |
| Hij/zij (nu) | hij hoort |
| Wij (nu) | wij horen |
| Verleden tijd | hoorde |
| Voltooid deelw. | gehoord |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over horen
- Wat betekent horen?
- geluid waarnemen met het oor; ook: ergens bij behoren of iets te weten komen
- Op welk taalniveau hoort horen?
- Het woord horen hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van horen?
- Synoniemen van horen zijn: luisteren.
- Hoe vervoeg je horen in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je horen als volgt: ik ik hoor, hij/zij hij hoort, wij wij horen.
- Wat is de verleden tijd van horen?
- De verleden tijd (enkelvoud) van horen is: hoorde.
- Wat is het voltooid deelwoord van horen?
- Het voltooid deelwoord van horen is: gehoord.
- Gebruik je hebben of zijn bij horen?
- Bij horen gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".