Was dit nuttig?
dehoreca
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2
sector van hotels, restaurants en cafés
Voorbeeldzinnen met het woord horeca
- "Hij werkt in de horeca als ober."
- "De horeca heeft het moeilijk door de coronacrisis."
Synoniemen van horeca
Veelgestelde vragen over horeca
- Wat betekent horeca?
- sector van hotels, restaurants en cafés
- Op welk taalniveau hoort horeca?
- Het woord horeca hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van horeca?
- Synoniemen van horeca zijn: horecabedrijf.
- Is horeca een de-woord of het-woord?
- Horeca is een de-woord: de horeca.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij horeca
decollega
zelfstandig naamwoord
iemand waarmee je samenwerkt op hetzelfde werk of in dezelfd…
hetambacht
zelfstandig naamwoord
een beroep waarbij men met de handen vakkundig producten maa…
deverpleegster
zelfstandig naamwoord
vrouwelijke zorgverlener in een ziekenhuis
dekok
zelfstandig naamwoord
iemand die professioneel eten bereidt in een restaurant of k…
demedewerker
zelfstandig naamwoord
iemand die ergens werkt en deel uitmaakt van een team of org…
deassistent
zelfstandig naamwoord
iemand die een andere persoon helpt bij zijn werk
Gerelateerde taaltips
Je kunt of je kan: wat is correct?
Beide vormen zijn goed, maar er is een belangrijk verschil
Me of mijn: wat is het verschil en wat is correct?
Twijfel je tussen ‘me’ en ‘mijn’? Zo gebruik je ze op de juiste manier.
100 basiswoorden Nederlands voor beginners
De belangrijkste woorden om te leren, per categorie met voorbeeldzinnen