Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    dehometrainer

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B1

    fietsergometer voor thuisgebruik of in de sportschool

    Voorbeeldzinnen met het woord hometrainer

    • "Ze fietst elke ochtend twintig minuten op de hometrainer."
    • "Een hometrainer is een goede investering voor thuistraining."

    Synoniemen van hometrainer

    Veelgestelde vragen over hometrainer

    Wat betekent hometrainer?
    fietsergometer voor thuisgebruik of in de sportschool
    Op welk taalniveau hoort hometrainer?
    Het woord hometrainer hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van hometrainer?
    Synoniemen van hometrainer zijn: fietsergometer, spinningfiets.
    Is hometrainer een de-woord of het-woord?
    Hometrainer is een de-woord: de hometrainer.

    Delen

    Bladeren op letter