Was dit nuttig?
dehometrainer
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B1
fietsergometer voor thuisgebruik of in de sportschool
Voorbeeldzinnen met het woord hometrainer
- "Ze fietst elke ochtend twintig minuten op de hometrainer."
- "Een hometrainer is een goede investering voor thuistraining."
Synoniemen van hometrainer
Veelgestelde vragen over hometrainer
- Wat betekent hometrainer?
- fietsergometer voor thuisgebruik of in de sportschool
- Op welk taalniveau hoort hometrainer?
- Het woord hometrainer hoort bij taalniveau B1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van hometrainer?
- Synoniemen van hometrainer zijn: fietsergometer, spinningfiets.
- Is hometrainer een de-woord of het-woord?
- Hometrainer is een de-woord: de hometrainer.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij hometrainer
dedegen
zelfstandig naamwoord
een smal, puntig zwaard gebruikt bij de schermkampioenschapp…
dewedstrijd
zelfstandig naamwoord
georganiseerde competitie waarbij deelnemers strijden om de …
hetwielrennen
zelfstandig naamwoord
competitief fietsen op weg of parcours
deestafette
zelfstandig naamwoord
wedstrijd waarbij een team van meerdere atleten om beurt ren…
deloopband
zelfstandig naamwoord
apparaat voor binnenshuis hardlopen op een bewegend band
deambitie
zelfstandig naamwoord
een sterke wens om iets te bereiken
Gerelateerde taaltips
Yankee: een Nederlands woord dat de wereld veroverde
Hoe Jan en Kees de naam gaven aan een heel volk
Kennen of weten: wat is het verschil?
Twee werkwoorden, één vertaling — leer wanneer je welk gebruikt
Voorkomen of verkomen? Zo gebruik je het goed
Leer de 3 betekenissen van voorkomen + een handig ezelsbruggetje