Was dit nuttig?
doceren
werkwoord | Taalniveau: B2
onderwijs geven aan studenten op academisch of beroepsniveau
Voorbeeldzinnen met het woord doceren
- "Ze doceert filosofie aan de Universiteit van Amsterdam al twaalf jaar."
- "Na zijn promotie begon hij te doceren aan de hogeschool."
Synoniemen van doceren
Idiomen
- • met kennis van zaken doceren (met diepgaande vakkennis en gezag lesgeven)
Vervoeging van doceren
| Ik (nu) | doceer |
| Hij/zij (nu) | doceert |
| Wij (nu) | doceren |
| Verleden tijd | doceerde |
| Voltooid deelw. | gedoceerd |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over doceren
- Wat betekent doceren?
- onderwijs geven aan studenten op academisch of beroepsniveau
- Op welk taalniveau hoort doceren?
- Het woord doceren hoort bij taalniveau B2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van doceren?
- Synoniemen van doceren zijn: onderwijzen, lesgeven, lesgeven op hoog niveau.
- Hoe vervoeg je doceren in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je doceren als volgt: ik doceer, hij/zij doceert, wij doceren.
- Wat is de verleden tijd van doceren?
- De verleden tijd (enkelvoud) van doceren is: doceerde.
- Wat is het voltooid deelwoord van doceren?
- Het voltooid deelwoord van doceren is: gedoceerd.
- Gebruik je hebben of zijn bij doceren?
- Bij doceren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij doceren
herkansen
werkwoord
een toets of examen opnieuw doen na een eerdere mislukking
zakken
werkwoord
een examen of toets niet halen
hetexamen
zelfstandig naamwoord
officiële toets waarmee kennis en vaardigheden formeel worde…
deinstroomtoets
zelfstandig naamwoord
toets waarmee het beginniveau van een leerling wordt vastges…
hetproefwerk
zelfstandig naamwoord
schriftelijke toets op school over een beperkt deel van de l…
hetlokaal
zelfstandig naamwoord
ruimte of klaslokaal in een school of gebouw