Was dit nuttig?
hetbeen
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1 | Verkleinwoord: het het beentje
1zelfstandig naamwoord| Taalniveau: A1
Ledemaat van het lichaam waarmee je staat en loopt
Voorbeeldzinnen met het woord been
- "Mijn been doet pijn na het lopen."
- "Hij brak zijn been bij het voetballen."
- "Ze heeft mooie lange benen."
Idiomen
- • Op eigen benen staan
- • Ergens een been voor uittrekken
- • Met beide benen op de grond
2zelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1
hard weefsel dat het skelet vormt; een individueel skeletstuk
Voorbeeldzinnen met het woord been
- "De chirurg zette het gebroken been met een titanium pen."
- "Bij de opgraving vonden ze beenderen van een volwassene uit de middeleeuwen."
Synoniemen van been
Idiomen
- • Op eigen benen staan
- • Ergens een been voor uittrekken
- • Met beide benen op de grond
Veelgestelde vragen over been
- Wat betekent been?
- Ledemaat van het lichaam waarmee je staat en loopt
- Op welk taalniveau hoort been?
- Het woord been hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van been?
- Synoniemen van been zijn: ledemaat, poot.
- Is been een de-woord of het-woord?
- Been is een het-woord: het been.
- Wat is het verkleinwoord van been?
- Het verkleinwoord van been is: het het beentje.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij been
hetoog
zelfstandig naamwoord
Zintuig waarmee je kunt zien
derug
zelfstandig naamwoord
Achterkant van het menselijk lichaam van schouders tot heupe…
detand
zelfstandig naamwoord
Hard wit botje in de mond waarmee je bijt en kauwt
deschouder
zelfstandig naamwoord
gewricht tussen arm en romp
dekop
zelfstandig naamwoord
Hoofd (informeler).
deknie
zelfstandig naamwoord
Gewricht in het midden van het been waarmee je het been buig…