Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    deautobus

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1

    een groot voertuig voor openbaar vervoer over de weg

    Voorbeeldzinnen met het woord autobus

    • "De autobus naar het centrum rijdt elk kwartier."
    • "Ze nam de autobus naar school omdat het regende."

    Synoniemen van autobus

    Veelgestelde vragen over autobus

    Wat betekent autobus?
    een groot voertuig voor openbaar vervoer over de weg
    Op welk taalniveau hoort autobus?
    Het woord autobus hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van autobus?
    Synoniemen van autobus zijn: bus, lijnbus.
    Is autobus een de-woord of het-woord?
    Autobus is een de-woord: de autobus.

    Delen

    Bladeren op letter