Was dit nuttig?
hetwiel
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1
1zelfstandig naamwoord| Taalniveau: A1
cirkelvormig onderdeel dat draait om een as en gebruikt wordt bij voertuigen
Voorbeeldzinnen met het woord wiel
- "Het achterwiel van zijn fiets was lek en hij moest hem naar de fietsreparateur brengen."
- "De uitvinding van het wiel wordt beschouwd als een van de grootste doorbraken in de geschiedenis."
Idiomen
- • Het vijfde wiel aan de wagen zijn
- • Het wiel opnieuw uitvinden
2zelfstandig naamwoord| Taalniveau: A2
informeel voor een reuzenrad of groot draaiend attractie op een kermis
Voorbeeldzinnen met het woord wiel
- "Van bovenin het wiel op de kermis kon je de hele stad overzien."
- "De kinderen wilden nog een keer in het reuzenrad, maar de rij was te lang."
Synoniemen van wiel
Idiomen
- • Het vijfde wiel aan de wagen zijn
- • Het wiel opnieuw uitvinden
Veelgestelde vragen over wiel
- Wat betekent wiel?
- cirkelvormig onderdeel dat draait om een as en gebruikt wordt bij voertuigen
- Op welk taalniveau hoort wiel?
- Het woord wiel hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van wiel?
- Synoniemen van wiel zijn: rad, band.
- Is wiel een de-woord of het-woord?
- Wiel is een het-woord: het wiel.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij wiel
hetgevaarlijk kruispunt
zelfstandig naamwoord
kruispunt bekend om een hoog aantal verkeersongevallen
dewagen
zelfstandig naamwoord
Auto of kar (formeel).
dereiskosten
zelfstandig naamwoord
de kosten die gemaakt worden voor woon-werkverkeer
derijtest
zelfstandig naamwoord
praktijkexamen voor het rijbewijs
devoertuigregistratie
zelfstandig naamwoord
officiële registratie van een voertuig bij de overheid
debumper
zelfstandig naamwoord
beschermende balk aan de voor- of achterkant van een auto