Was dit nuttig?
detrein
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1
Voertuig op rails dat passagiers of goederen over lange afstanden vervoert
Voorbeeldzinnen met het woord trein
- "We nemen de trein naar Amsterdam."
- "De trein heeft tien minuten vertraging."
- "Het station is vlakbij; we kunnen de trein pakken."
Synoniemen van trein
Idiomen
- • De trein missen
- • Op de verkeerde trein zitten
Veelgestelde vragen over trein
- Wat betekent trein?
- Voertuig op rails dat passagiers of goederen over lange afstanden vervoert
- Op welk taalniveau hoort trein?
- Het woord trein hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van trein?
- Synoniemen van trein zijn: spoortrein, IC, intercity.
- Is trein een de-woord of het-woord?
- Trein is een de-woord: de trein.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij trein
hetgevaarlijk kruispunt
zelfstandig naamwoord
kruispunt bekend om een hoog aantal verkeersongevallen
dewagen
zelfstandig naamwoord
Auto of kar (formeel).
dereiskosten
zelfstandig naamwoord
de kosten die gemaakt worden voor woon-werkverkeer
derijtest
zelfstandig naamwoord
praktijkexamen voor het rijbewijs
devoertuigregistratie
zelfstandig naamwoord
officiële registratie van een voertuig bij de overheid
debumper
zelfstandig naamwoord
beschermende balk aan de voor- of achterkant van een auto