Was dit nuttig?
detrap
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1
Reeks treden waarmee je van de ene verdieping naar de andere gaat
Voorbeeldzinnen met het woord trap
- "Pas op de trap, hij is glad."
- "Ze loopt de trap op."
- "Het huis heeft een smalle trap."
Idiomen
- • Iemand de trap afsturen
Veelgestelde vragen over trap
- Wat betekent trap?
- Reeks treden waarmee je van de ene verdieping naar de andere gaat
- Op welk taalniveau hoort trap?
- Het woord trap hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van trap?
- Synoniemen van trap zijn: treden, bordes, escalier.
- Is trap een de-woord of het-woord?
- Trap is een de-woord: de trap.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij trap
detafel
zelfstandig naamwoord
Meubel met een plat blad waaraan je kunt zitten en eten
hetvenster
zelfstandig naamwoord
Raam (formeel).
dekamer
zelfstandig naamwoord
Afgebakende ruimte in een huis of gebouw
delift
zelfstandig naamwoord
apparaat om mensen van verdieping te wisselen
dezitbank
zelfstandig naamwoord
Een meubelstuk om op te zitten.
dehuur
zelfstandig naamwoord
geldbedrag dat je betaalt om ergens te wonen