Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    detheaterzaal

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2

    de ruimte in een theater of bioscoop waar het publiek plaatsneemt om een voorstelling bij te wonen

    Voorbeeldzinnen met het woord theaterzaal

    • "De theaterzaal bood ruimte aan zeshonderd toeschouwers en was uitverkocht."
    • "Door de akoestiek van de theaterzaal klonk elk fluistertoon tot in de laatste rij."
    • "Na de verbouwing beschikt de theaterzaal over verbeterde akoestiek en nieuwe stoelen."
    • "Het gordijn ging op en de theaterzaal viel stil van verwachting."
    • "In grote theaterzalen worden microfoons gebruikt om de stem van acteurs te versterken."

    Synoniemen van theaterzaal

    Idiomen

    • • de zaal spelen (het publiek weten te boeien en te bezielen)

    Waar komt het woord theaterzaal vandaan?

    Theaterzaal is samengesteld uit theater en zaal. Theater stamt via het Latijn theatrum uit het Grieks theatron afgeleid van theasthai (aanschouwen). Zaal stamt uit het Middelnederlands sale verwant aan het Duits Saal. De combinatie beschrijft de centrale ruimte in een theatergebouw.

    Veelgestelde vragen over theaterzaal

    Wat betekent theaterzaal?
    de ruimte in een theater of bioscoop waar het publiek plaatsneemt om een voorstelling bij te wonen
    Op welk taalniveau hoort theaterzaal?
    Het woord theaterzaal hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van theaterzaal?
    Synoniemen van theaterzaal zijn: auditorium, zaal.
    Is theaterzaal een de-woord of het-woord?
    Theaterzaal is een de-woord: de theaterzaal.

    Delen

    Bladeren op letter