Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    detaalcursus

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2

    een cursus waarbij je een taal leert, vaak in een groep met een docent

    Voorbeeldzinnen met het woord taalcursus

    • "Ze volgt een taalcursus Nederlands voor beginners."
    • "Een goede taalcursus helpt je snel te verbeteren."

    Synoniemen van taalcursus

    Veelgestelde vragen over taalcursus

    Wat betekent taalcursus?
    een cursus waarbij je een taal leert, vaak in een groep met een docent
    Op welk taalniveau hoort taalcursus?
    Het woord taalcursus hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van taalcursus?
    Synoniemen van taalcursus zijn: taaltraining, taalles.
    Is taalcursus een de-woord of het-woord?
    Taalcursus is een de-woord: de taalcursus.

    Delen

    Bladeren op letter