Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    relativeren

    werkwoord | Taalniveau: C1

    het belang van iets in een breder perspectief plaatsen zodat het minder absoluut lijkt

    Voorbeeldzinnen met het woord relativeren

    • "Ze leerde haar tegenslagen te relativeren."
    • "Hij relativeerde zijn succes door ook de context te noemen."

    Vervoeging van relativeren

    Ik (nu) ik relativeer
    Hij/zij (nu) hij relativeert
    Wij (nu) wij relativeren
    Verleden tijd relativeerde
    Voltooid deelw. gerelativeerd
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over relativeren

    Wat betekent relativeren?
    het belang van iets in een breder perspectief plaatsen zodat het minder absoluut lijkt
    Op welk taalniveau hoort relativeren?
    Het woord relativeren hoort bij taalniveau C1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van relativeren?
    Synoniemen van relativeren zijn: nuanceren, in perspectief plaatsen, bagatelliseren.
    Hoe vervoeg je relativeren in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je relativeren als volgt: ik ik relativeer, hij/zij hij relativeert, wij wij relativeren.
    Wat is de verleden tijd van relativeren?
    De verleden tijd (enkelvoud) van relativeren is: relativeerde.
    Wat is het voltooid deelwoord van relativeren?
    Het voltooid deelwoord van relativeren is: gerelativeerd.
    Gebruik je hebben of zijn bij relativeren?
    Bij relativeren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter