Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    reconciliëren

    werkwoord | Taalniveau: C1

    na een conflict of scheiding de relatie herstellen

    Voorbeeldzinnen met het woord reconciliëren

    • "Na maanden apart probeerden ze te reconciliëren."
    • "Het koppel reconcilieerde na een intensieve therapie."

    Vervoeging van reconciliëren

    Ik (nu) ik reconcilieer
    Hij/zij (nu) hij reconcilieert
    Wij (nu) wij reconciliëren
    Verleden tijd reconcilieerde
    Voltooid deelw. gereconcilieerd
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over reconciliëren

    Wat betekent reconciliëren?
    na een conflict of scheiding de relatie herstellen
    Op welk taalniveau hoort reconciliëren?
    Het woord reconciliëren hoort bij taalniveau C1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Hoe vervoeg je reconciliëren in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je reconciliëren als volgt: ik ik reconcilieer, hij/zij hij reconcilieert, wij wij reconciliëren.
    Wat is de verleden tijd van reconciliëren?
    De verleden tijd (enkelvoud) van reconciliëren is: reconcilieerde.
    Wat is het voltooid deelwoord van reconciliëren?
    Het voltooid deelwoord van reconciliëren is: gereconcilieerd.
    Gebruik je hebben of zijn bij reconciliëren?
    Bij reconciliëren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter