Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    peilen

    werkwoord | Taalniveau: B2

    de diepte, hoogte of richting meten, of proberen te achterhalen wat iemand denkt of wil

    Voorbeeldzinnen met het woord peilen

    • "De kapitein peilden de diepte van de vaargeul nauwkeurig."
    • "Voor het gesprek probeerde zij zijn standpunt te peilen."

    Synoniemen van peilen

    Idiomen

    • • iemands bedoelingen peilen (achterhalen wat iemand van plan is of wil)

    Vervoeging van peilen

    Ik (nu) ik peil
    Hij/zij (nu) hij peilt
    Wij (nu) wij peilen
    Verleden tijd peilde
    Voltooid deelw. gepeild
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over peilen

    Wat betekent peilen?
    de diepte, hoogte of richting meten, of proberen te achterhalen wat iemand denkt of wil
    Op welk taalniveau hoort peilen?
    Het woord peilen hoort bij taalniveau B2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van peilen?
    Synoniemen van peilen zijn: meten, polsen.
    Hoe vervoeg je peilen in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je peilen als volgt: ik ik peil, hij/zij hij peilt, wij wij peilen.
    Wat is de verleden tijd van peilen?
    De verleden tijd (enkelvoud) van peilen is: peilde.
    Wat is het voltooid deelwoord van peilen?
    Het voltooid deelwoord van peilen is: gepeild.
    Gebruik je hebben of zijn bij peilen?
    Bij peilen gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter