Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    initiëren

    werkwoord | Taalniveau: C1

    iets beginnen of in gang zetten, doorgaans als eerste

    Voorbeeldzinnen met het woord initiëren

    • "Ze initieerde een nieuw samenwerkingsverband."
    • "De directeur initieerde een onderzoek naar de situatie."

    Synoniemen van initiëren

    Vervoeging van initiëren

    Ik (nu) ik initieer
    Hij/zij (nu) hij initieert
    Wij (nu) wij initiëren
    Verleden tijd initieerde
    Voltooid deelw. geïnitieerd
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over initiëren

    Wat betekent initiëren?
    iets beginnen of in gang zetten, doorgaans als eerste
    Op welk taalniveau hoort initiëren?
    Het woord initiëren hoort bij taalniveau C1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van initiëren?
    Synoniemen van initiëren zijn: opstarten, lanceren, beginnen.
    Hoe vervoeg je initiëren in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je initiëren als volgt: ik ik initieer, hij/zij hij initieert, wij wij initiëren.
    Wat is de verleden tijd van initiëren?
    De verleden tijd (enkelvoud) van initiëren is: initieerde.
    Wat is het voltooid deelwoord van initiëren?
    Het voltooid deelwoord van initiëren is: geïnitieerd.
    Gebruik je hebben of zijn bij initiëren?
    Bij initiëren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter