Was dit nuttig?
hethuiswerk
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1 | Verkleinwoord: het het huiswerkje
schoolopdrachten die thuis gemaakt moeten worden
Voorbeeldzinnen met het woord huiswerk
- "Hij maakt zijn huiswerk altijd direct na school."
- "Voor morgen moet ze drie bladzijden huiswerk maken."
Synoniemen van huiswerk
Idiomen
- • Zijn huiswerk maken
- • Huiswerk op tijd inleveren
Veelgestelde vragen over huiswerk
- Wat betekent huiswerk?
- schoolopdrachten die thuis gemaakt moeten worden
- Op welk taalniveau hoort huiswerk?
- Het woord huiswerk hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van huiswerk?
- Synoniemen van huiswerk zijn: opdrachten, taken.
- Is huiswerk een de-woord of het-woord?
- Huiswerk is een het-woord: het huiswerk.
- Wat is het verkleinwoord van huiswerk?
- Het verkleinwoord van huiswerk is: het het huiswerkje.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij huiswerk
hetexamen
zelfstandig naamwoord
officiële toets waarmee kennis en vaardigheden formeel worde…
deinstroomtoets
zelfstandig naamwoord
toets waarmee het beginniveau van een leerling wordt vastges…
hetproefwerk
zelfstandig naamwoord
schriftelijke toets op school over een beperkt deel van de l…
hetlokaal
zelfstandig naamwoord
ruimte of klaslokaal in een school of gebouw
depen
zelfstandig naamwoord
schrijfinstrument gevuld met inkt
hetrapport
zelfstandig naamwoord
overzicht van behaalde cijfers op school