Was dit nuttig?
defietstocht
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2
geplande fietstour over een bepaalde route
Voorbeeldzinnen met het woord fietstocht
- "Ze maakt een fietstocht langs de Rijn."
- "De fietstocht van 40 km duurt ongeveer twee uur."
Synoniemen van fietstocht
Veelgestelde vragen over fietstocht
- Wat betekent fietstocht?
- geplande fietstour over een bepaalde route
- Op welk taalniveau hoort fietstocht?
- Het woord fietstocht hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van fietstocht?
- Synoniemen van fietstocht zijn: fietsrit, fietsuitstap.
- Is fietstocht een de-woord of het-woord?
- Fietstocht is een de-woord: de fietstocht.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij fietstocht
dedegen
zelfstandig naamwoord
een smal, puntig zwaard gebruikt bij de schermkampioenschapp…
dewedstrijd
zelfstandig naamwoord
georganiseerde competitie waarbij deelnemers strijden om de …
hetwielrennen
zelfstandig naamwoord
competitief fietsen op weg of parcours
deestafette
zelfstandig naamwoord
wedstrijd waarbij een team van meerdere atleten om beurt ren…
deloopband
zelfstandig naamwoord
apparaat voor binnenshuis hardlopen op een bewegend band
deambitie
zelfstandig naamwoord
een sterke wens om iets te bereiken
Gerelateerde taaltips
Je kunt of je kan: wat is correct?
Beide vormen zijn goed, maar er is een belangrijk verschil
Me of mijn: wat is het verschil en wat is correct?
Twijfel je tussen ‘me’ en ‘mijn’? Zo gebruik je ze op de juiste manier.
100 basiswoorden Nederlands voor beginners
De belangrijkste woorden om te leren, per categorie met voorbeeldzinnen