Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    differentiëren

    werkwoord | Taalniveau: C1

    onderscheid maken tussen verschillende zaken of personen; aanpassen per categorie

    Voorbeeldzinnen met het woord differentiëren

    • "De leraar differentieerde zijn aanpak per leerniveau."
    • "Ze differentieerden de tarieven naar inkomen."

    Synoniemen van differentiëren

    Vervoeging van differentiëren

    Ik (nu) ik differentieer
    Hij/zij (nu) hij differentieert
    Wij (nu) wij differentiëren
    Verleden tijd differentieerde
    Voltooid deelw. gedifferentieerd
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over differentiëren

    Wat betekent differentiëren?
    onderscheid maken tussen verschillende zaken of personen; aanpassen per categorie
    Op welk taalniveau hoort differentiëren?
    Het woord differentiëren hoort bij taalniveau C1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van differentiëren?
    Synoniemen van differentiëren zijn: onderscheiden, variëren, aanpassen.
    Hoe vervoeg je differentiëren in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je differentiëren als volgt: ik ik differentieer, hij/zij hij differentieert, wij wij differentiëren.
    Wat is de verleden tijd van differentiëren?
    De verleden tijd (enkelvoud) van differentiëren is: differentieerde.
    Wat is het voltooid deelwoord van differentiëren?
    Het voltooid deelwoord van differentiëren is: gedifferentieerd.
    Gebruik je hebben of zijn bij differentiëren?
    Bij differentiëren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter