Was dit nuttig?
betalen
werkwoord | Taalniveau: A1
geld geven in ruil voor een product of dienst
Voorbeeldzinnen met het woord betalen
- "Kan ik hier betalen met een bankpas?"
- "Hij betaalde twintig euro voor zijn lunch."
Idiomen
- • De rekening betalen
- • Duur betalen
Vervoeging van betalen
| Ik (nu) | betaal |
| Hij/zij (nu) | betaalt |
| Wij (nu) | betalen |
| Verleden tijd | betaalde |
| Voltooid deelw. | betaald |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over betalen
- Wat betekent betalen?
- geld geven in ruil voor een product of dienst
- Op welk taalniveau hoort betalen?
- Het woord betalen hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van betalen?
- Synoniemen van betalen zijn: afrekenen, voldoen.
- Hoe vervoeg je betalen in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je betalen als volgt: ik betaal, hij/zij betaalt, wij betalen.
- Wat is de verleden tijd van betalen?
- De verleden tijd (enkelvoud) van betalen is: betaalde.
- Wat is het voltooid deelwoord van betalen?
- Het voltooid deelwoord van betalen is: betaald.
- Gebruik je hebben of zijn bij betalen?
- Bij betalen gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij betalen
debroekriem
zelfstandig naamwoord
riem waarmee een broek op zijn plaats wordt gehouden
defactuur
zelfstandig naamwoord
officieel document met een overzicht van geleverde producten…
dekassière
zelfstandig naamwoord
medewerker bij de kassa die betalingen afhandelt in een wink…
dewaardebon
zelfstandig naamwoord
een bon of coupon met een bepaalde geldwaarde die als betaal…
hetgeld
zelfstandig naamwoord
betaalmiddel in de vorm van munten of biljetten waarmee goed…
demarkt
zelfstandig naamwoord
openluchtplaats waar kooplieden producten te koop aanbieden,…