Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    debadkamer

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1 | Verkleinwoord: het het badkamertje

    Ruimte in een huis met een douche of bad, en soms een toilet

    Voorbeeldzinnen met het woord badkamer

    • "De badkamer is bezet."
    • "Hij doucht elke ochtend in de badkamer."
    • "We hebben een nieuwe badkamer laten plaatsen."

    Synoniemen van badkamer

    Idiomen

    • • Zingen in de badkamer

    Veelgestelde vragen over badkamer

    Wat betekent badkamer?
    Ruimte in een huis met een douche of bad, en soms een toilet
    Op welk taalniveau hoort badkamer?
    Het woord badkamer hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van badkamer?
    Synoniemen van badkamer zijn: douche, toilet, washok.
    Is badkamer een de-woord of het-woord?
    Badkamer is een de-woord: de badkamer.
    Wat is het verkleinwoord van badkamer?
    Het verkleinwoord van badkamer is: het het badkamertje.

    Delen

    Bladeren op letter