Was dit nuttig?
hetadres
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1
het woonadres of contactadres van een persoon of organisatie
Voorbeeldzinnen met het woord adres
- "Wat is je adres? Ik stuur je een brief."
- "Ze gaf haar adres aan de postbode."
Idiomen
- • aan het goede adres zijn
- • op het verkeerde adres zijn
Veelgestelde vragen over adres
- Wat betekent adres?
- het woonadres of contactadres van een persoon of organisatie
- Op welk taalniveau hoort adres?
- Het woord adres hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van adres?
- Synoniemen van adres zijn: woonadres, locatie.
- Is adres een de-woord of het-woord?
- Adres is een het-woord: het adres.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij adres
deklomp
zelfstandig naamwoord
een schoen gemaakt van hout, traditioneel in Nederland
hetteken
zelfstandig naamwoord
iets wat wijst op of verwijst naar iets anders
deduidelijkheid
zelfstandig naamwoord
de eigenschap van iets wat helder en begrijpelijk is
dedreun
zelfstandig naamwoord
een harde, zware klap of een eentonig, bonkend geluid
hettijdstip
zelfstandig naamwoord
een bepaald moment op de dag
dedwerg
zelfstandig naamwoord
een buitengewoon klein menselijk wezen; ook: een fantasiewez…