Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    vieren

    werkwoord | Taalniveau: A2

    een feestgelegenheid markeren met activiteiten

    Voorbeeldzinnen met het woord vieren

    • "We vieren elk jaar zijn verjaardag groot."
    • "Ze vierden het jubileum met een diner."

    Idiomen

    • • hoog van de toren blazen

    Vervoeging van vieren

    Ik (nu) ik vier
    Hij/zij (nu) hij/zij viert
    Wij (nu) wij vieren
    Verleden tijd vierde
    Voltooid deelw. gevierd
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over vieren

    Wat betekent vieren?
    een feestgelegenheid markeren met activiteiten
    Op welk taalniveau hoort vieren?
    Het woord vieren hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Hoe vervoeg je vieren in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je vieren als volgt: ik ik vier, hij/zij hij/zij viert, wij wij vieren.
    Wat is de verleden tijd van vieren?
    De verleden tijd (enkelvoud) van vieren is: vierde.
    Wat is het voltooid deelwoord van vieren?
    Het voltooid deelwoord van vieren is: gevierd.
    Gebruik je hebben of zijn bij vieren?
    Bij vieren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter