Was dit nuttig?
verwarmen
werkwoord | Taalniveau: A2
een ruimte warmer maken
Voorbeeldzinnen met het woord verwarmen
- "De radiator verwarmt de kamer."
- "Ze verwarmden de woonkamer met een gaskachel."
Idiomen
- • het hart verwarmen
Vervoeging van verwarmen
| Ik (nu) | verwarm |
| Hij/zij (nu) | verwarmt |
| Wij (nu) | verwarmen |
| Verleden tijd | verwarmde |
| Voltooid deelw. | verwarmd |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over verwarmen
- Wat betekent verwarmen?
- een ruimte warmer maken
- Op welk taalniveau hoort verwarmen?
- Het woord verwarmen hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Hoe vervoeg je verwarmen in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je verwarmen als volgt: ik verwarm, hij/zij verwarmt, wij verwarmen.
- Wat is de verleden tijd van verwarmen?
- De verleden tijd (enkelvoud) van verwarmen is: verwarmde.
- Wat is het voltooid deelwoord van verwarmen?
- Het voltooid deelwoord van verwarmen is: verwarmd.
- Gebruik je hebben of zijn bij verwarmen?
- Bij verwarmen gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij verwarmen
detafel
zelfstandig naamwoord
Meubel met een plat blad waaraan je kunt zitten en eten
hetvenster
zelfstandig naamwoord
Raam (formeel).
dekamer
zelfstandig naamwoord
Afgebakende ruimte in een huis of gebouw
delift
zelfstandig naamwoord
apparaat om mensen van verdieping te wisselen
dezitbank
zelfstandig naamwoord
Een meubelstuk om op te zitten.
dehuur
zelfstandig naamwoord
geldbedrag dat je betaalt om ergens te wonen
Gerelateerde taaltips
Je kunt of je kan: wat is correct?
Beide vormen zijn goed, maar er is een belangrijk verschil
Me of mijn: wat is het verschil en wat is correct?
Twijfel je tussen ‘me’ en ‘mijn’? Zo gebruik je ze op de juiste manier.
100 basiswoorden Nederlands voor beginners
De belangrijkste woorden om te leren, per categorie met voorbeeldzinnen