Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    roosteren

    werkwoord | Taalniveau: A1

    voedsel braden of grillen op hoge hitte, direct boven vuur of in een grill, zodat de buitenkant krokant wordt

    Voorbeeldzinnen met het woord roosteren

    • "Rooster de paprika in de oven tot de schil zwart blakert."
    • "Ze roosterde sneetjes brood in de broodrooster voor het ontbijt."

    Synoniemen van roosteren

    Idiomen

    • • brood roosteren in de broodrooster

    Vervoeging van roosteren

    Ik (nu) rooster
    Hij/zij (nu) roostert
    Wij (nu) roosteren
    Verleden tijd roosterde
    Voltooid deelw. geroosterd
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over roosteren

    Wat betekent roosteren?
    voedsel braden of grillen op hoge hitte, direct boven vuur of in een grill, zodat de buitenkant krokant wordt
    Op welk taalniveau hoort roosteren?
    Het woord roosteren hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van roosteren?
    Synoniemen van roosteren zijn: grillen, braden, bakken.
    Hoe vervoeg je roosteren in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je roosteren als volgt: ik rooster, hij/zij roostert, wij roosteren.
    Wat is de verleden tijd van roosteren?
    De verleden tijd (enkelvoud) van roosteren is: roosterde.
    Wat is het voltooid deelwoord van roosteren?
    Het voltooid deelwoord van roosteren is: geroosterd.
    Gebruik je hebben of zijn bij roosteren?
    Bij roosteren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter