Was dit nuttig?
derasta
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B2
aanhanger van de rastafari-beweging, herkenbaar aan dreadlocks en geloof in Jah; ook: de haardraagstijl zelf
Voorbeeldzinnen met het woord rasta
- "De rasta met zijn kleurrijke pet speelde reggaemuziek op het stadsplein."
- "Zijn rasta-vlechten had hij al meer dan tien jaar met zorg opgebouwd."
Synoniemen van rasta
Veelgestelde vragen over rasta
- Wat betekent rasta?
- aanhanger van de rastafari-beweging, herkenbaar aan dreadlocks en geloof in Jah; ook: de haardraagstijl zelf
- Op welk taalniveau hoort rasta?
- Het woord rasta hoort bij taalniveau B2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van rasta?
- Synoniemen van rasta zijn: rastafari.
- Is rasta een de-woord of het-woord?
- Rasta is een de-woord: de rasta.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij rasta
deklomp
zelfstandig naamwoord
een schoen gemaakt van hout, traditioneel in Nederland
hetteken
zelfstandig naamwoord
iets wat wijst op of verwijst naar iets anders
deduidelijkheid
zelfstandig naamwoord
de eigenschap van iets wat helder en begrijpelijk is
dedreun
zelfstandig naamwoord
een harde, zware klap of een eentonig, bonkend geluid
hettijdstip
zelfstandig naamwoord
een bepaald moment op de dag
dedwerg
zelfstandig naamwoord
een buitengewoon klein menselijk wezen; ook: een fantasiewez…