Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    deprogrammeur

    zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2 | Verkleinwoord: het het programmeurtje

    iemand die softwarecode schrijft voor computers en applicaties

    Voorbeeldzinnen met het woord programmeur

    • "De programmeur werkte aan een nieuwe versie van de mobiele applicatie."
    • "Een goede programmeur denkt niet alleen in code, maar ook in oplossingen voor de gebruiker."
    • "Veel programmeurs werken vanuit huis dankzij de gebruikelijke software-infrastructuur."
    • "In Nederland is er een groot tekort aan programmeurs met ervaring in datawetenschap."
    • "De programmeur loste het bug op door slechts twee regels code te wijzigen."

    Synoniemen van programmeur

    Waar komt het woord programmeur vandaan?

    Programmeur is via het Frans programmateur of programmeur in de tweede helft van de twintigste eeuw aan het Nederlands toegevoegd, parallel aan de opkomst van de informatica. Het basiswoord programma komt uit het Griekse programma, voorschrift of geschreven aankondiging. In het Engels gebruikt men programmer, een variant die ook in het Nederlands zakelijk taalgebruik voorkomt.

    Veelgestelde vragen over programmeur

    Wat betekent programmeur?
    iemand die softwarecode schrijft voor computers en applicaties
    Op welk taalniveau hoort programmeur?
    Het woord programmeur hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van programmeur?
    Synoniemen van programmeur zijn: ontwikkelaar, coder.
    Is programmeur een de-woord of het-woord?
    Programmeur is een de-woord: de programmeur.
    Wat is het verkleinwoord van programmeur?
    Het verkleinwoord van programmeur is: het het programmeurtje.

    Delen

    Bladeren op letter