Was dit nuttig?
parkeren
werkwoord | Taalniveau: A1
een voertuig neerzetten op een aangewezen plek
Voorbeeldzinnen met het woord parkeren
- "Hij parkeerde zijn auto voor het gebouw."
- "Het is verboden te parkeren op dit pad."
Synoniemen van parkeren
Idiomen
- • Iets parkeren voor later
Vervoeging van parkeren
| Ik (nu) | parkeer |
| Hij/zij (nu) | parkeert |
| Wij (nu) | parkeren |
| Verleden tijd | parkeerde |
| Voltooid deelw. | geparkeerd |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over parkeren
- Wat betekent parkeren?
- een voertuig neerzetten op een aangewezen plek
- Op welk taalniveau hoort parkeren?
- Het woord parkeren hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van parkeren?
- Synoniemen van parkeren zijn: stilzetten, stallen.
- Hoe vervoeg je parkeren in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je parkeren als volgt: ik parkeer, hij/zij parkeert, wij parkeren.
- Wat is de verleden tijd van parkeren?
- De verleden tijd (enkelvoud) van parkeren is: parkeerde.
- Wat is het voltooid deelwoord van parkeren?
- Het voltooid deelwoord van parkeren is: geparkeerd.
- Gebruik je hebben of zijn bij parkeren?
- Bij parkeren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij parkeren
hetgevaarlijk kruispunt
zelfstandig naamwoord
kruispunt bekend om een hoog aantal verkeersongevallen
stipt
bijvoeglijk naamwoord
precies op tijd, zonder vertraging
vol
bijvoeglijk naamwoord
met geen vrije plaatsen meer, volledig bezet
dewagen
zelfstandig naamwoord
Auto of kar (formeel).
dereiskosten
zelfstandig naamwoord
de kosten die gemaakt worden voor woon-werkverkeer
druk
bijvoeglijk naamwoord
met veel verkeer of mensen aanwezig