Was dit nuttig?
hetparelmoer
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B2
de glanzende iriserende binnenkant van schelpen; als kleurterm een zacht wit met regenboogachtige glans
Voorbeeldzinnen met het woord parelmoer
- "De parelmoer op de gitaar gaf het instrument een bijzondere glans."
- "Een parelmoerkleurige lak verandert van tint afhankelijk van de invalshoek van het licht."
- "De binnenste laag van de oesterschelp bestaat uit parelmoer, calciumcarbonaat."
- "Parelmoeren knoopjes gaven de witte blouse een romantische touch."
- "De nagellak had een subtiele parelmoerglans die in het licht van kleur leek te veranderen."
Synoniemen van parelmoer
Waar komt het woord parelmoer vandaan?
Parelmoer combineert parel (via Middelnederlands peerle en Oudfrans perle uit Middeleeuws Latijn perla) en moer (verwant met Latijn mater: moeder). De term verwijst naar de moederschelp. Parelmoer is een calque van het Frans nacre de perle. In het Duits is het Perlmutt.
Veelgestelde vragen over parelmoer
- Wat betekent parelmoer?
- de glanzende iriserende binnenkant van schelpen; als kleurterm een zacht wit met regenboogachtige glans
- Op welk taalniveau hoort parelmoer?
- Het woord parelmoer hoort bij taalniveau B2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van parelmoer?
- Synoniemen van parelmoer zijn: nacre, iriserende glans.
- Is parelmoer een de-woord of het-woord?
- Parelmoer is een het-woord: het parelmoer.