Was dit nuttig?
opdrinken
werkwoord | Taalniveau: A1
je drankje helemaal leeg drinken
Voorbeeldzinnen met het woord opdrinken
- "Drink je glas op voordat we gaan."
- "Hij dronk zijn koffie snel op."
Synoniemen van opdrinken
Idiomen
- • zijn glas leegdrinken
Vervoeging van opdrinken
| Ik (nu) | drink op |
| Hij/zij (nu) | drinkt op |
| Wij (nu) | drinken op |
| Verleden tijd | dronk op |
| Voltooid deelw. | opgedronken |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over opdrinken
- Wat betekent opdrinken?
- je drankje helemaal leeg drinken
- Op welk taalniveau hoort opdrinken?
- Het woord opdrinken hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van opdrinken?
- Synoniemen van opdrinken zijn: leeg drinken.
- Hoe vervoeg je opdrinken in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je opdrinken als volgt: ik drink op, hij/zij drinkt op, wij drinken op.
- Wat is de verleden tijd van opdrinken?
- De verleden tijd (enkelvoud) van opdrinken is: dronk op.
- Wat is het voltooid deelwoord van opdrinken?
- Het voltooid deelwoord van opdrinken is: opgedronken.
- Gebruik je hebben of zijn bij opdrinken?
- Bij opdrinken gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij opdrinken
drinken
werkwoord
Een vloeistof door de mond naar binnen brengen
hethapje
zelfstandig naamwoord
klein stukje eten dat wordt geserveerd bij een drankje
deamuse
zelfstandig naamwoord
klein gerechtje dat voor het voorgerecht wordt geserveerd al…
heteiwit
zelfstandig naamwoord
een essentieel voedingsstof opgebouwd uit aminozuren; ook: h…
deaal
zelfstandig naamwoord
een slangvormige vis die in zoet en zout water leeft
delamskoteletten
zelfstandig naamwoord
kleine koteletten van lamsvlees met bot