deloondienst
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2
werkvorm waarbij iemand in dienst is bij een werkgever en een vast loon ontvangt
Voorbeeldzinnen met het woord loondienst
- "Na jaren als zzp-er besloot hij terug te keren naar loondienst voor meer zekerheid."
- "In loondienst heb je recht op doorbetaling bij ziekte en opbouw van pensioen."
- "Loondienst geeft meer zekerheid maar ook minder vrijheid dan zelfstandig ondernemerschap."
- "De belastingdienst controleert of zzp-ers niet feitelijk in loondienst werken."
- "Veel mensen combineren loondienst met een nevenactiviteit als zelfstandige."
Synoniemen van loondienst
Idiomen
- • in vaste dienst zijn (een stabiele arbeidsrelatie hebben bij een werkgever)
Waar komt het woord loondienst vandaan?
Loondienst is samengesteld uit loon en dienst. Loon stamt van het Proto-Germaans launa (vergoeding, beloning). Dienst stamt van het Proto-Germaans thigansti (het dienen). Samen beschrijft het de relatie waarbij diensten worden verleend in ruil voor een periodiek loon.
Veelgestelde vragen over loondienst
- Wat betekent loondienst?
- werkvorm waarbij iemand in dienst is bij een werkgever en een vast loon ontvangt
- Op welk taalniveau hoort loondienst?
- Het woord loondienst hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van loondienst?
- Synoniemen van loondienst zijn: dienstverband, arbeidsrelatie.
- Is loondienst een de-woord of het-woord?
- Loondienst is een de-woord: de loondienst.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij loondienst
iemand waarmee je samenwerkt op hetzelfde werk of in dezelfd…
een beroep waarbij men met de handen vakkundig producten maa…
vrouwelijke zorgverlener in een ziekenhuis
iemand die professioneel eten bereidt in een restaurant of k…
iemand die ergens werkt en deel uitmaakt van een team of org…
iemand die een andere persoon helpt bij zijn werk
Gerelateerde taaltips
Je kunt of je kan: wat is correct?
Beide vormen zijn goed, maar er is een belangrijk verschil
Me of mijn: wat is het verschil en wat is correct?
Twijfel je tussen ‘me’ en ‘mijn’? Zo gebruik je ze op de juiste manier.
100 basiswoorden Nederlands voor beginners
De belangrijkste woorden om te leren, per categorie met voorbeeldzinnen