Was dit nuttig?
hetkantoor
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1 | Verkleinwoord: het het kantoortje
werkruimte of gebouw waar administratieve en zakelijke taken worden uitgevoerd
Voorbeeldzinnen met het woord kantoor
- "Hij werkt drie dagen op kantoor en twee dagen thuis."
- "Het kantoor is gevestigd in het centrum van de stad."
Idiomen
- • Op kantoor verschijnen
- • Thuis is ook een kantoor
Veelgestelde vragen over kantoor
- Wat betekent kantoor?
- werkruimte of gebouw waar administratieve en zakelijke taken worden uitgevoerd
- Op welk taalniveau hoort kantoor?
- Het woord kantoor hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van kantoor?
- Synoniemen van kantoor zijn: werkplek, bureau.
- Is kantoor een de-woord of het-woord?
- Kantoor is een het-woord: het kantoor.
- Wat is het verkleinwoord van kantoor?
- Het verkleinwoord van kantoor is: het het kantoortje.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij kantoor
decollega
zelfstandig naamwoord
iemand waarmee je samenwerkt op hetzelfde werk of in dezelfd…
hetambacht
zelfstandig naamwoord
een beroep waarbij men met de handen vakkundig producten maa…
deverpleegster
zelfstandig naamwoord
vrouwelijke zorgverlener in een ziekenhuis
dekok
zelfstandig naamwoord
iemand die professioneel eten bereidt in een restaurant of k…
demedewerker
zelfstandig naamwoord
iemand die ergens werkt en deel uitmaakt van een team of org…
deassistent
zelfstandig naamwoord
iemand die een andere persoon helpt bij zijn werk