Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    infereren

    werkwoord | Taalniveau: C1

    op basis van een getraind AI-model een uitvoer of voorspelling genereren

    Voorbeeldzinnen met het woord infereren

    • "Het model infereerde de waarschijnlijkste volgende woorden op basis van de context."
    • "Infereren van een groot model kost meer rekenkracht dan het uitvoeren van eenvoudige zoekopdrachten."

    Synoniemen van infereren

    Vervoeging van infereren

    Ik (nu) infereer
    Hij/zij (nu) infereert
    Wij (nu) infereren
    Verleden tijd infereerde
    Voltooid deelw. geinfereerd
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over infereren

    Wat betekent infereren?
    op basis van een getraind AI-model een uitvoer of voorspelling genereren
    Op welk taalniveau hoort infereren?
    Het woord infereren hoort bij taalniveau C1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van infereren?
    Synoniemen van infereren zijn: afleiden, voorspellen, redeneren.
    Hoe vervoeg je infereren in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je infereren als volgt: ik infereer, hij/zij infereert, wij infereren.
    Wat is de verleden tijd van infereren?
    De verleden tijd (enkelvoud) van infereren is: infereerde.
    Wat is het voltooid deelwoord van infereren?
    Het voltooid deelwoord van infereren is: geinfereerd.
    Gebruik je hebben of zijn bij infereren?
    Bij infereren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter