Was dit nuttig?
degrensganger
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: B2
iemand die regelmatig de grens oversteekt, bijvoorbeeld om te werken in een buurland
Voorbeeldzinnen met het woord grensganger
- "Als grensganger reisde hij elke dag van Belgie naar Nederland voor zijn werk."
- "Het aantal grensgangers tussen de buurlanden is de afgelopen jaren gestegen."
Synoniemen van grensganger
Idiomen
- • een grensganger zijn (iemand die grenzen verlegt of zich op de grens van twee gebieden beweegt)
Veelgestelde vragen over grensganger
- Wat betekent grensganger?
- iemand die regelmatig de grens oversteekt, bijvoorbeeld om te werken in een buurland
- Op welk taalniveau hoort grensganger?
- Het woord grensganger hoort bij taalniveau B2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van grensganger?
- Synoniemen van grensganger zijn: grensarbeider, pendelaar.
- Is grensganger een de-woord of het-woord?
- Grensganger is een de-woord: de grensganger.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij grensganger
deAmerikaan
zelfstandig naamwoord
iemand die de Amerikaanse nationaliteit heeft of in de Veren…
denationaliteit
zelfstandig naamwoord
De officiële verbinding van een persoon met een land, vastge…
deArgentijn
zelfstandig naamwoord
inwoner of burger van Argentinie
hetEgypte
zelfstandig naamwoord
land in Noord-Afrika en het Midden-Oosten, bekend om de pira…
hetIndonesie
zelfstandig naamwoord
eilandenstaat in Zuidoost-Azie, het grootste archipel ter we…
Nederland
zelfstandig naamwoord
Land in Noordwest-Europa; de thuisbasis van de Nederlandse t…