fluorescerend
bijvoeglijk naamwoord | Taalniveau: B2
met een bijzonder heldere lichtgevende kleur die opvalt door grote lichtabsorptie en -uitstraling
Voorbeeldzinnen met het woord fluorescerend
- "De bouwvakkers droegen fluorescerende hesjes voor hun eigen veiligheid."
- "Het fluorescerende geel van de stift maakte elke markering direct zichtbaar."
- "Hardlopers kiezen fluorescerende kleding om goed zichtbaar te zijn in het donker."
- "De fluorescerende verf op schooltassen maakt kinderen beter zichtbaar in het verkeer."
- "Onder ultraviolet licht lichtten de fluorescerende patronen op het kunstwerk op."
Synoniemen van fluorescerend
Waar komt het woord fluorescerend vandaan?
Fluorescerend is het tegenwoordig deelwoord van fluorescentie, ontleend aan het Engelse fluorescence. Dit woord werd in 1852 door George Gabriel Stokes gemunt, naar het mineraal fluoriet dat dit verschijnsel vertoont. Fluoriet is vernoemd naar het Latijn fluere (vloeien). Fluorescerende kleuren weerkaatsen zichtbaar en ultraviolet licht.
Veelgestelde vragen over fluorescerend
- Wat betekent fluorescerend?
- met een bijzonder heldere lichtgevende kleur die opvalt door grote lichtabsorptie en -uitstraling
- Op welk taalniveau hoort fluorescerend?
- Het woord fluorescerend hoort bij taalniveau B2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van fluorescerend?
- Synoniemen van fluorescerend zijn: neonkleurig, oplichtend.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij fluorescerend
Met een blauwig-groene kleur, zoals het water van een tropis…
een frisse, lichte groene kleur die doet denken aan muntblaa…
een fel, bijna fluorescerend groen dat sterk oplicht
een felle, bijna fluorescerende roze kleur
een donker blauwpaarse kleur als de schil van een pruim
een donkere blauwgroene kleur zoals ruwe aardolie