Was dit nuttig?
defilm
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A1
1zelfstandig naamwoord| Taalniveau: A1
bewegende beelden verteld als verhaal
Voorbeeldzinnen met het woord film
- "Ze keken vrijdagavond een film."
- "Hij gaat graag naar de bioscoop voor een film."
Idiomen
- • Dat is een andere film
2zelfstandig naamwoord| Taalniveau: B1
dunne laag of vlies van een stof op een oppervlak; ook een transparante verpakkingsfolie
Voorbeeldzinnen met het woord film
- "Er lag een dun filmje vet op het koude soepoppervlak."
- "Ze wikkelde de sandwich in een laagje transparante film voor in de broodtrommel."
Idiomen
- • Dat is een andere film
Veelgestelde vragen over film
- Wat betekent film?
- bewegende beelden verteld als verhaal
- Op welk taalniveau hoort film?
- Het woord film hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van film?
- Synoniemen van film zijn: bioscoop, movie.
- Is film een de-woord of het-woord?
- Film is een de-woord: de film.