Was dit nuttig?
dik
bijvoeglijk naamwoord | Taalniveau: A2
1bijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: A2
met grote omvang of dikte; zwaarlijvig of vet
Voorbeeldzinnen met het woord dik
- "Het dikke boek telde meer dan duizend pagina's."
- "Na de vakantie voelde hij zich dik na weken van lekker eten."
Idiomen
- • dik is
- • dik wordt
2bijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: A2
een grote laag of dikte hebbend; niet dun
Voorbeeldzinnen met het woord dik
- "Ze legde een dikke laag pindakaas op het brood."
- "Het dikke pak sneeuw maakte alle wegen onbegaanbaar."
Synoniemen van dik
Idiomen
- • dik is
- • dik wordt
3bijvoeglijk naamwoord| Taalniveau: B1
nauw bevriend; heel goed met elkaar overweg kunnen
Voorbeeldzinnen met het woord dik
- "Die twee zijn dik met elkaar: ze doen alles samen."
- "Na de project waren ze dikke vrienden geworden."
Idiomen
- • dik is
- • dik wordt
Veelgestelde vragen over dik
- Wat betekent dik?
- met grote omvang of dikte; zwaarlijvig of vet
- Op welk taalniveau hoort dik?
- Het woord dik hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van dik?
- Synoniemen van dik zijn: mollig, zwaar.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij dik
eigen
bijvoeglijk naamwoord
toebehorend aan zichzelf; wat van jezelf is of bij jezelf ho…
deels
bijwoord
voor een gedeelte; niet volledig maar ook niet geheel afwezi…
deklomp
zelfstandig naamwoord
een schoen gemaakt van hout, traditioneel in Nederland
hetteken
zelfstandig naamwoord
iets wat wijst op of verwijst naar iets anders
deduidelijkheid
zelfstandig naamwoord
de eigenschap van iets wat helder en begrijpelijk is
lopen
werkwoord
Je voeten gebruiken om je voort te bewegen
Gerelateerde taaltips
Je kunt of je kan: wat is correct?
Beide vormen zijn goed, maar er is een belangrijk verschil
Me of mijn: wat is het verschil en wat is correct?
Twijfel je tussen ‘me’ en ‘mijn’? Zo gebruik je ze op de juiste manier.
100 basiswoorden Nederlands voor beginners
De belangrijkste woorden om te leren, per categorie met voorbeeldzinnen