Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    deglaceren

    werkwoord | Taalniveau: B2

    aanzetsel in een hete pan oplossen met vloeistof voor de saus

    Voorbeeldzinnen met het woord deglaceren

    • "Ze deglaceert de pan met wijn na het aanbraden."
    • "Hij deglaceert met cognac voor een rijke saus."

    Synoniemen van deglaceren

    Vervoeging van deglaceren

    Ik (nu) ik deglaceer
    Hij/zij (nu) hij deglaceert
    Wij (nu) wij deglaceren
    Verleden tijd deglaceerde
    Voltooid deelw. gedeglaceerd
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over deglaceren

    Wat betekent deglaceren?
    aanzetsel in een hete pan oplossen met vloeistof voor de saus
    Op welk taalniveau hoort deglaceren?
    Het woord deglaceren hoort bij taalniveau B2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van deglaceren?
    Synoniemen van deglaceren zijn: loslaten.
    Hoe vervoeg je deglaceren in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je deglaceren als volgt: ik ik deglaceer, hij/zij hij deglaceert, wij wij deglaceren.
    Wat is de verleden tijd van deglaceren?
    De verleden tijd (enkelvoud) van deglaceren is: deglaceerde.
    Wat is het voltooid deelwoord van deglaceren?
    Het voltooid deelwoord van deglaceren is: gedeglaceerd.
    Gebruik je hebben of zijn bij deglaceren?
    Bij deglaceren gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter