deDeen
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2 | Verkleinwoord: het het Deentje
iemand afkomstig uit Denemarken
Voorbeeldzinnen met het woord Deen
- "De Deen naast ons introduceerde ons aan het hygge-concept."
- "Als Deen is hij gewend aan fietsen als primair vervoermiddel."
- "Een Deen zal je bijna nooit horen klagen over het koude klimaat."
- "De Deen won goud op de wereldkampioenschappen badminton."
- "Als geboren Deen spreekt hij Deens maar ook uitstekend Engels."
Synoniemen van Deen
Waar komt het woord Deen vandaan?
Deen stamt van Dene, de Latijnse naam voor de Germaanse volksstam op de Deense eilanden. In het Oudnoors waren zij de Danir. De naam Denemarken komt van Dene plus mearc (grensgebied). In Frans Danois, in Engels Dane.
Veelgestelde vragen over Deen
- Wat betekent Deen?
- iemand afkomstig uit Denemarken
- Op welk taalniveau hoort Deen?
- Het woord Deen hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van Deen?
- Synoniemen van Deen zijn: Denenmarker.
- Is Deen een de-woord of het-woord?
- Deen is een de-woord: de Deen.
- Wat is het verkleinwoord van Deen?
- Het verkleinwoord van Deen is: het het Deentje.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij Deen
iemand die de Amerikaanse nationaliteit heeft of in de Veren…
De officiële verbinding van een persoon met een land, vastge…
inwoner of burger van Argentinie
land in Noord-Afrika en het Midden-Oosten, bekend om de pira…
eilandenstaat in Zuidoost-Azie, het grootste archipel ter we…
Land in Noordwest-Europa; de thuisbasis van de Nederlandse t…
Gerelateerde taaltips
Je kunt of je kan: wat is correct?
Beide vormen zijn goed, maar er is een belangrijk verschil
Me of mijn: wat is het verschil en wat is correct?
Twijfel je tussen ‘me’ en ‘mijn’? Zo gebruik je ze op de juiste manier.
100 basiswoorden Nederlands voor beginners
De belangrijkste woorden om te leren, per categorie met voorbeeldzinnen