Was dit nuttig?
decamper
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2
motorvoertuig met ingerichte woonruimte voor campingvakanties
Voorbeeldzinnen met het woord camper
- "Ze reist twee weken door Schotland in een camper."
- "Een camper combineer je rijden en overnachten."
Veelgestelde vragen over camper
- Wat betekent camper?
- motorvoertuig met ingerichte woonruimte voor campingvakanties
- Op welk taalniveau hoort camper?
- Het woord camper hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van camper?
- Synoniemen van camper zijn: motorhome, reisbus.
- Is camper een de-woord of het-woord?
- Camper is een de-woord: de camper.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij camper
hetgevaarlijk kruispunt
zelfstandig naamwoord
kruispunt bekend om een hoog aantal verkeersongevallen
dewagen
zelfstandig naamwoord
Auto of kar (formeel).
dereiskosten
zelfstandig naamwoord
de kosten die gemaakt worden voor woon-werkverkeer
derijtest
zelfstandig naamwoord
praktijkexamen voor het rijbewijs
devoertuigregistratie
zelfstandig naamwoord
officiële registratie van een voertuig bij de overheid
debumper
zelfstandig naamwoord
beschermende balk aan de voor- of achterkant van een auto
Gerelateerde taaltips
Je kunt of je kan: wat is correct?
Beide vormen zijn goed, maar er is een belangrijk verschil
Me of mijn: wat is het verschil en wat is correct?
Twijfel je tussen ‘me’ en ‘mijn’? Zo gebruik je ze op de juiste manier.
100 basiswoorden Nederlands voor beginners
De belangrijkste woorden om te leren, per categorie met voorbeeldzinnen