Was dit nuttig?
bruin
bijvoeglijk naamwoord | Taalniveau: A1
Met de kleur van chocolade of aarde
Voorbeeldzinnen met het woord bruin
- "De deur is bruin geschilderd."
- "Ze heeft bruine ogen."
- "Het brood wordt bruin in de oven."
Synoniemen van bruin
Idiomen
- • Bruin gebakken
Veelgestelde vragen over bruin
- Wat betekent bruin?
- Met de kleur van chocolade of aarde
- Op welk taalniveau hoort bruin?
- Het woord bruin hoort bij taalniveau A1 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van bruin?
- Synoniemen van bruin zijn: kastanjebruin, chocoladebruin.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij bruin
turquoise
bijvoeglijk naamwoord
Met een blauwig-groene kleur, zoals het water van een tropis…
mintgroen
bijvoeglijk naamwoord
een frisse, lichte groene kleur die doet denken aan muntblaa…
neongroen
bijvoeglijk naamwoord
een fel, bijna fluorescerend groen dat sterk oplicht
neonroze
bijvoeglijk naamwoord
een felle, bijna fluorescerende roze kleur
oranje
bijvoeglijk naamwoord
Met de kleur tussen rood en geel in, zoals een sinaasappel; …
pruimblauw
bijvoeglijk naamwoord
een donker blauwpaarse kleur als de schil van een pruim