Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    braken

    werkwoord | Taalniveau: A2

    maaginhoud via de mond uitwerpen

    Voorbeeldzinnen met het woord braken

    • "Ze braakte de hele nacht en voelde zich zwak."
    • "Bij voedselvergiftiging kun je heftig braken."

    Synoniemen van braken

    Idiomen

    • • over zijn toeren gaan

    Vervoeging van braken

    Ik (nu) ik braak
    Hij/zij (nu) hij/zij braakt
    Wij (nu) wij braken
    Verleden tijd braakte
    Voltooid deelw. gebraakt
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over braken

    Wat betekent braken?
    maaginhoud via de mond uitwerpen
    Op welk taalniveau hoort braken?
    Het woord braken hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van braken?
    Synoniemen van braken zijn: overgeven, kotsen.
    Hoe vervoeg je braken in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je braken als volgt: ik ik braak, hij/zij hij/zij braakt, wij wij braken.
    Wat is de verleden tijd van braken?
    De verleden tijd (enkelvoud) van braken is: braakte.
    Wat is het voltooid deelwoord van braken?
    Het voltooid deelwoord van braken is: gebraakt.
    Gebruik je hebben of zijn bij braken?
    Bij braken gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter