Was dit nuttig?
bingen
werkwoord | Taalniveau: B2
grote hoeveelheden van een serie of content in korte tijd consumeren
Voorbeeldzinnen met het woord bingen
- "Hij begon te bingen zodra het nieuwe seizoen beschikbaar was."
- "Ze bingde drie seizoenen op een weekend."
Synoniemen van bingen
Vervoeging van bingen
| Ik (nu) | ik bing |
| Hij/zij (nu) | hij bingt |
| Wij (nu) | wij bingen |
| Verleden tijd | bingde |
| Voltooid deelw. | gebingd |
| Hulpwerkwoord | hebben |
Veelgestelde vragen over bingen
- Wat betekent bingen?
- grote hoeveelheden van een serie of content in korte tijd consumeren
- Op welk taalniveau hoort bingen?
- Het woord bingen hoort bij taalniveau B2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van bingen?
- Synoniemen van bingen zijn: bingewatchen.
- Hoe vervoeg je bingen in de tegenwoordige tijd?
- In de tegenwoordige tijd vervoeg je bingen als volgt: ik ik bing, hij/zij hij bingt, wij wij bingen.
- Wat is de verleden tijd van bingen?
- De verleden tijd (enkelvoud) van bingen is: bingde.
- Wat is het voltooid deelwoord van bingen?
- Het voltooid deelwoord van bingen is: gebingd.
- Gebruik je hebben of zijn bij bingen?
- Bij bingen gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij bingen
dewoordvoerder
zelfstandig naamwoord
iemand die officieel namens een organisatie of persoon naar …
deanimatie
zelfstandig naamwoord
bewegend beeld gemaakt via tekeningen of computergegenereerd…
depresentator
zelfstandig naamwoord
de persoon die een tv- of radioprogramma leidt en de gasten …
decolumnist
zelfstandig naamwoord
iemand die regelmatig een opiniestuk schrijft in een krant o…
derecensie
zelfstandig naamwoord
een geschreven of gesproken beoordeling van een culturele ui…
derecensent
zelfstandig naamwoord
iemand die professioneel culturele werken beoordeelt en besp…