Hét woordenboek.nlWaar woorden betekenis krijgen
    Inloggen
    Was dit nuttig?

    babbelen

    werkwoord | Taalniveau: A2

    informeel en vrolijk praten over alledaagse onderwerpen zonder doel

    Voorbeeldzinnen met het woord babbelen

    • "Ze babbelden uren aan de telefoon."
    • "We zaten gezellig te babbelen bij de koffie."

    Synoniemen van babbelen

    Idiomen

    • • zijn mond voorbijpraten

    Vervoeging van babbelen

    Ik (nu) ik babbel
    Hij/zij (nu) hij babbelt
    Wij (nu) wij babbelen
    Verleden tijd babbelde
    Voltooid deelw. gebabbeld
    Hulpwerkwoord hebben

    Veelgestelde vragen over babbelen

    Wat betekent babbelen?
    informeel en vrolijk praten over alledaagse onderwerpen zonder doel
    Op welk taalniveau hoort babbelen?
    Het woord babbelen hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
    Wat zijn synoniemen van babbelen?
    Synoniemen van babbelen zijn: kletsen.
    Hoe vervoeg je babbelen in de tegenwoordige tijd?
    In de tegenwoordige tijd vervoeg je babbelen als volgt: ik ik babbel, hij/zij hij babbelt, wij wij babbelen.
    Wat is de verleden tijd van babbelen?
    De verleden tijd (enkelvoud) van babbelen is: babbelde.
    Wat is het voltooid deelwoord van babbelen?
    Het voltooid deelwoord van babbelen is: gebabbeld.
    Gebruik je hebben of zijn bij babbelen?
    Bij babbelen gebruik je het hulpwerkwoord "hebben".

    Delen

    Bladeren op letter