Was dit nuttig?
deafrit
zelfstandig naamwoord | Taalniveau: A2
uitrijstrook waarmee je de snelweg verlaat
Voorbeeldzinnen met het woord afrit
- "Ze neemt de afrit voor Rotterdam-centrum."
- "Hij mist de afrit en moet een omweg maken."
Idiomen
- • de afrit nemen
- • de verkeerde afrit kiezen
Veelgestelde vragen over afrit
- Wat betekent afrit?
- uitrijstrook waarmee je de snelweg verlaat
- Op welk taalniveau hoort afrit?
- Het woord afrit hoort bij taalniveau A2 volgens het Europees Referentiekader (CEFR).
- Wat zijn synoniemen van afrit?
- Synoniemen van afrit zijn: uitrit, afslag.
- Is afrit een de-woord of het-woord?
- Afrit is een de-woord: de afrit.
Alfabetisch
Gerelateerde woorden bij afrit
hetgevaarlijk kruispunt
zelfstandig naamwoord
kruispunt bekend om een hoog aantal verkeersongevallen
dewagen
zelfstandig naamwoord
Auto of kar (formeel).
dereiskosten
zelfstandig naamwoord
de kosten die gemaakt worden voor woon-werkverkeer
derijtest
zelfstandig naamwoord
praktijkexamen voor het rijbewijs
devoertuigregistratie
zelfstandig naamwoord
officiële registratie van een voertuig bij de overheid
debumper
zelfstandig naamwoord
beschermende balk aan de voor- of achterkant van een auto
Gerelateerde taaltips
Je kunt of je kan: wat is correct?
Beide vormen zijn goed, maar er is een belangrijk verschil
Me of mijn: wat is het verschil en wat is correct?
Twijfel je tussen ‘me’ en ‘mijn’? Zo gebruik je ze op de juiste manier.
100 basiswoorden Nederlands voor beginners
De belangrijkste woorden om te leren, per categorie met voorbeeldzinnen